Stichting Lachai-Roï

De nacht is ver gevorderd,
de dag is nabij (Rom 13:12)

Hieronder staat de 'One-a-Day'-studie van vandaag. Elke dag verschijnt de volgende uit een reeks van 87 van deze studies. Na 87 dagen wordt opnieuw met de eerste studie begonnen.

35 - Bekering - wat is dat?
In veel godsdienstige kringen is grote zielensmart vereist voordat van geloof in Christus sprake kan zijn. Sommige mensen kunnen, ten gevolge van hun emotionele inslag, deze zielensmart op commando produceren. Deze eis is voor hen gemakkelijk. Anderen krijgen dat niet voor elkaar, hoe goed ze ook hun best doen, en daarom lijkt het erop dat voor hen de weg van verlossing is afgesloten. In dergelijke kringen wordt de echtheid van iemands verlossing afgemeten aan de ellende die daaraan is voorafgegaan en groot verdriet over de zonde wordt gezien als een verdienstelijk werk.
Aangezien de mensen lange tijd zijn gehersenspoeld zodat ze geloven dat iemand zijn zonden weer goed kan maken door daar spijt van te hebben, vinden de hierboven weergegeven gedachten vruchtbare grond in het menselijk hart. Deze gedachten worden vaak ondersteund met Bijbelteksten waar de woorden bekeren en bekering in voorkomen. Men leest in deze woorden een verkeerde betekenis en deze verkeerde betekenis wordt weer ondersteund door de onjuiste vertaling van het Griekse woord metanoia, het origineel van het woord dat we nu overdenken.
Dr. A.T. Robertson, wiens reputatie als geleerde op het gebied van de Griekse taal goed bekend is, heeft vaak Dr. John A. Broadus, zijn schoonvader en een geleerde van hetzelfde niveau, geciteerd, die heeft gezegd: ‘de vertaling van metanoia door ‘bekering’ is de slechtste vertaling in het hele Nieuwe Testament.’
Dat is een ernstige aanklacht en de waarheid ervan is door vele geleerden onderschreven, maar toch is er heel weinig mee gedaan, zoals we zien in het voortdurend gebruik ervan in moderne vertalingen. Het weinige wat men heeft gedaan, is zeggen dat het Griekse woord ‘tot andere gedachten komen’ betekent, maar naar mijn idee is deze tweede fout net zo ernstig als de eerste.
Het Griekse woord betekent in werkelijkheid onderworpenheid. De oproep was om zich te onderwerpen, waar het werkwoord is gebruikt en de daad zou als onderwerping omschreven moeten worden waar het zelfstandig naamwoord voorkomt. De grote oproep van Johannes zou tegen deze achtergrond als volgt opgevat moeten worden: ‘onderwerp u: want de heerschappij van de hemel is ophanden’ (Matt. 3:2).
De elementen waaruit het Griekse woord is samengesteld betekenen later-intentie en de oproep is dat wij nu dezelfde intentie hebben als die we zullen hebben nadat de vereisten bekend zijn gemaakt of de waarheid is geopenbaard. Je onderwerpen, is toegeven aan de wil of het gezag van een ander.
In de ware christelijke ervaring is onderwerping geen eenmalige zaak. Het is een houding die elke dag blijft bestaan ten opzichte van God en Zijn Woord.
Ruth toonde haar volledige onderwerping aan Naomi toen zij zei: ‘waar gij zult heengaan, zal ik heengaan, en waar gij zult vernachten, zal ik vernachten: uw volk is mijn volk en uw God is mijn God’ (Ruth 1:16). Zij verklaarde daarmee dat de intentie of de bedoeling die zij had voordat zij wist wat de omstandigheden en vereisten zouden zijn, dezelfde intentie of bedoeling zou zijn op het moment dat ze die wel zou kennen. Dat is wat de Grieken de later-intentie zouden noemen. Dat is ware onderwerping. Ga heen en doet gij evenzo.

Otis Q. Sellers

Printer-vriendelijke pagina