De nacht is ver gevorderd,
de dag is nabij (Rom 13:12)

Stichting Lachai-Roï

Hieronder staat de 'One-a-Day'-studie van vandaag. Elke dag verschijnt de volgende uit een reeks van 87 van deze studies. Na 87 dagen wordt opnieuw met de eerste studie begonnen.

81 - 
In een recent stukje heb ik geopperd dat als er zorgvuldige studie gedaan zou worden naar de werkelijke woorden die God heeft gebruikt, vaak zal blijken hoe relevant de Bijbel is voor de tijd waarin we nu leven. Dit werd weer eens duidelijk toen ik een diepgaande studie maakte van de oorspronkelijke taal van II Timotheüs 3:13, ‘slechte mensen en bedriegers zullen van kwaad tot erger komen; zij verleiden en worden verleid.’

In de hogere klassen van de basisschool wordt al aan kinderen geleerd dat de delen waaruit een woord is samengesteld, kunnen helpen bij het bepalen van de betekenis, dat voorvoegsels en achtervoegsels aan een stam worden toegevoegd om een woord te vormen en daar ook betekenis aan geven, maar dat de stam de grondbetekenis van het woord draagt, dat de context een aanwijzing geeft voor de exacte betekenis en veel meer van dergelijke regels die een bewezen hulp zijn bij het begrijpen van elke uitdrukking, zowel geschreven als gesproken. Al deze gezonde principes worden evenwel in de wind geslagen als men zich gaat bezighouden met de Bijbel. De letterlijke, grammaticale interpretatie van de Schrift heeft men opgegeven. Daardoor kunnen mensen aan de woorden van God elke betekenis verlenen die zij maar willen, waarmee de geopenbaarde waarheid tot nul wordt gereduceerd.

Gods woorden zijn gegeven om begrepen te worden. Daaruit volgt dat Hij taal moet hebben gebruikt om de bedoelde betekenis kenbaar te maken, in overeenstemming met de wetten die voor elke taal gelden. We moeten nooit op zoek gaan naar een of andere betekenis die niet in de woorden zelf besloten ligt, maar we zouden de betekenis moeten zien te vinden die deze woorden bevatten, voldoende rekening houdend met stijlfiguren die deel uitmaken van elke taal.

Het Griekse woord voor ‘slecht’ in II Timotheüs 3:13 is poneros. Dat is samengesteld uit twee elementen, waarvan de ene ellende betekent en de andere uitstorting. En hoewel ellende-uitstorting niet direct betekenis zal hebben, is dat wel het geval als we erover nadenken. Dit woord gaat over mensen wier daden van het soort zijn dat een vloed aan ellende veroorzaakt, de impulsieve gewelddadigheden van mensen die onnoemelijk lijden veroorzaken voor alle mensen, zelfs die maar zijdelings bij het slachtoffer betrokken zijn. Daarover kunt u bijna dagelijks lezen. De ellende-uitstorters zijn duidelijk aanwezig.

Het woord voor ‘bedrieger’ is hier goes. Dat is letterlijk een roeper of een schreeuwer en toch is door het gebruik duidelijk dat het de betekenis heeft gekregen van een bedrieger. Het wordt gebruikt voor charlatans en voor hypocriet gedrag en opzettelijk bedrog. Rotherham heeft het vertaald met ‘schreeuwende bedriegers’ maar ‘scanderende bedriegers’ komt dichter bij de waarheid. Het is een uitdrukking die een beschrijving is voor hen die geen fundament voor hun protesten hebben en die dat goedmaken door te schreeuwen en te scanderen. Denk hier aan als u weer eens een scanderende en schreeuwende massa betogers ziet, in het bijzonder zij die dat uitbundig voor televisiecamera’s doen. Denk er aan als u leest over een plaats van aanbidding die tot een feestzaal verworden is.



Otis Q. Sellers

Printer-vriendelijke pagina